Dysideological Principle A story about human flags and dehumanized territories

Met het maken van deze ondoordringbare plek, een claustrofoob universum, roep ik een omgeving op die zich ongrijpbaar isoleert van wat het aantrekt en die tegelijkertijd uitschreeuwt: You are connected. In dit informatietijdperk overheerst de terreur van informatieoverdracht en –zucht via symbolen, signalen en data. Be Connected leidt naar Like it als de voorhoede van de oprukkende sociale druk. Maar Like it leidt niet naar Being Liked.

Deze keer is mijn “
Plastic Territory” een Risk- of Stratego-spel waar het ‘speelterrein’ en de ‘identiteit’ (van de speler) diffuse entiteiten zijn. Hun grenzen vervagen in elkaar: identiteit als terrein, maar ook terrein als identiteit… en terug? Betreft het identiteit op of van een terrein?

Flags
De vlaggen, symbolen bij uitstek voor alle soorten identiteit, laat ik bewust de overheersende objectengroep van het Dysideological Principle zijn. Op verschillende manieren probeer ik de vlag te ontmaskeren, te ontdoen van zijn specifieke connotaties; verbanden die kunnen waaieren tussen het macroniveau van de wereldscène –en het microniveau van de persoonlijke psyche in de dagelijkse leefomgeving. Markeerders voor het claimen van geografische gebieden en het bouwen van gemeenschappelijke identiteiten maar ook associaties met opgewekt feesten. De vlag staat voor samenhorigheid, fierheid en verbondenheid, maar ook voor exclusie, staatloosheid (sans papier) en minderheid.

Natie – Toewijding – Eigenheid
Kind – Vrolijkheid
Samen – Grens –Apart– Uitsluiting


De vlag speelt de rol van Janusfiguur met twee gezichten die zich ook op het diplomatieke veld laten herkennen. Macht en structuur, overtuiging, visie, ideologie en principes verschuiven meermaals doorheen de geschiedenis en in een leven, van het ene centrum naar het andere, van het ene niveau naar het andere… haast onmerkbaar. De vlag blijft de lading dekken, maar die lading verandert voortdurend. Vlaggen voor een
Dysideological Principle?
Terwijl mondiale mobiliteit tot binnen de huiselijke muren doordringt, worden onze grenzen tegelijkertijd aangespannen. Onder het westers korset krijgen vreemde lui(zen) nog amper lucht. Voor ‘hen’ -en daardoor ook voor ‘ons’ wordt de onbereikbaarheid van de droom van vrijheid, van broederlijkheid en van gelijkheid langs alle kanten, onherroepelijk verder aangescherpt.



In een palimpsest van rasters, ballonnen, latten en houtresten, karton en kranten, fruit en toiletpapier, spiegels en foto’s… laat ik een ondoordringbare jungle van
cut-ups ontstaan: fysiek en visueel. Met een soort verwarring als resultaat: het beeld is niet meer in een enkele oogopslag te vatten. In deze jungle vang je met het ontdubbelen van uitvergrote fotokiekjes een glimp van een binnenstebuiten gedraaid diplomatiek kantoor. Overdadig bevlagd. De vloer is grond; de grond is krant. Papier met financiële informatie die zwanger is van macht.

In dit ontmenselijkt besloten hofje zet Diplomatie zich via pixels en geluid op het laagste niveau om in overtuigingen, principes en ideologieën. Diplomatie neemt plaats, onvindbaar, op een sofa, klein, breekbaar en wendbaar... richting wereldscène. “
Op naar de volgende legislatuur, dictatuur, rebellie – samen sterk!“ De wind blaast terug in het gezicht van de Diplomaat en de vlaggen die wapperen maar, want hun opdringerigheid lost zich op in het polychroom spel van dit driedimensionaal schilderij. In de afgesloten hof van Dysideological Principle leidt een alternatieve onderhandeling naar onbeslistheid.
“Ambivalent zijn met vlag en wimpel?”

Stacks Image 2396
Stacks Image 2400
Stacks Image 2404
Stacks Image 2410
Stacks Image 2414
Stacks Image 2418
Stacks Image 2398
Stacks Image 2402
Stacks Image 2406
Stacks Image 2408
Stacks Image 2412
Stacks Image 2416